Voorbeeld Ooijpolder

Landschapskwartet Ooijpolder

Waar moeten de geplande landschapselementen komen en wie beheert het landschap? In de Ooijpolder fungeert het landschapskwartet als schakel tussen een papieren plan en maatwerk in de klei.

In de Ooijpolder en Groesbeek is in 2004 een Landschapsontwikkelingsplan (LOP) tot stand gekomen. Een integraal plan met een meerjarenprogramma voor de uitvoering van bijna honderd projectvoorstellen in tien jaar. Een breed gedragen plan. Maar waar worden de geplande landschapselementen aangelegd en wie beheert het landschap? Een hulpmiddel bij deze keuzen is het ‘landschapskwartet’, dat wordt gebruikt in gesprekken met buurtbewoners en boeren. Voor ieder deelgebied toont het kwartet een aantal inrichtingsmaatregelen, oplopend in complexiteit. Een boer kan beginnen met alleen maar een bloemrijke kruidenstrook, maar hij kan er ook voor kiezen in die strook bomen te planten, of een of meer rijen bomen met hagen eronder. 

Elk kwartet bevat een serie van beperkte tot vergaande ingrepen, met weinig of veel onderhoudswerk. Op een blanco kaart kan men eigen ideeën kwijt. Het kwartet is gebiedsspecifiek en gebaseerd op streekeigen kenmerken die algemeen worden gewaardeerd. Daarnaast is gekeken naar ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied; nieuwe elementen anticiperen op nieuwe functionaliteiten.

Ook is rekening gehouden met de onzekere situatie van de agrariërs. Een boer kan voorzichtig beginnen en uitgroeien tot beheerder van een complexer samengesteld landschapselement. De vergoeding groeit dan mee. Het streefdoel is een aaneengesloten groenblauw netwerk van landschapselementen en wandelpaden over boerenland, rekening houdend met de aspiraties van individuele boeren. 

Mede dankzij het kaartspel is er een aantal tienjarige onderhoudscontracten afgesloten. Als in 2009 de Gelderse verordening voor groenblauwe diensten in werking treedt, zullen het er snel meer worden.

  

Ontwerp: Henk van Blerck